De bloem van de iris bestaat uit zes kroonblaadjes, drie opstaande en drie hangende. Het middelste hangende blaadje heeft een harig stukje (de baard), meestal met een afwijkende kleur, waarmee ze veel hommels en vlinders aantrekken. Tussen de andere planten in je tuin stralen ze als showdanseressen, wiegend in de wind…

Irissen staan ook prachtig als snijbloemen en worden veel gebruikt in boeketten. Wil je iemand een speciale boodschap overbrengen dan kan dit met een boeket irissen… De betekenis van de iris is namelijk ‘Ik heb een boodschap voor jou’. Als snijbloem staat deze bloem erg lang en is een ware blikvanger op je tafel of dressoir. Vergeet dan echter niet om de uitgebloeide bloemen (meestal na 3 dagen) te verwijderen. Als de gekleurde sappen op je kleed of houtwerk komen, zijn ze vrijwel niet te verwijderen.

Hoe kan je de iris vermeerderen? (of stekken?)

De iris kun je grofweg verdelen in drie zeer verschillende grote groepen, op basis van hun standplaats en hoe ze zich vermeerderen;

  • De bolirissen - deze groeien uit een bol en bloeien gewoonlijk in april tot mei. De bollen kun je in het vroege voorjaar planten. Deze varianten worden gewoonlijk niet heel hoog, en hoewel ze gewoonlijk winterhard zijn, zijn ze niet wintergroen en verliezen ze hun blad al vroeg in het najaar. Voorbeelden hiervan zijn Dwergirissen en de Hollandse iris.

  • Vaste irissen met een rizoom - een vlezige wortelstok die nieuwe planten vormt. Voor deze planten is het belangrijk dat de grond niet te nat is, ze staan graag op een zonnige, kalkrijke plek en bloeien van mei tot juni. Door hun rizomen groeien ze elk jaar verder uit, en ongeveer elke vier jaar is het noodzakelijk om de plant te ‘scheuren’. De plant ontwikkelt zich steeds meer naar buiten en uiteindelijk zal het middendeel geen nieuwe bloemen meer vormen en een kale plek worden. Scheuren is niet moeilijk; je graaft de plant uit en ‘scheurt’ letterlijk de kluit doormidden. De oude delen waar geen bladeren meer aan zitten gooi je weg en na het verwijderen van dode bladeren, stengels en wortels kun je de gezonde jonge delen weer herplanten. Zorg ervoor dat de wortelknol voor de helft boven de grond steekt. Een van de bekendste voorbeelden van irissen die zich met een rizoom vermeerderen is de baardiris.

  • De iris als moerasplant of oeverplant - deze hebben normale wortels en staan geweldig langs je vijver. Een voorbeeld hiervan is de gele lis, die ook in het wild in Nederland te bewonderen is. Na de bloei vormen ze zaaddozen, die als ze rijp zijn open vallen, waarna de zaden door het water meegenomen worden.

Onderhouden

De iris heeft niet veel onderhoud nodig.

Bij bladverliezende soorten haal je in het najaar de dode bladeren weg, zodat het komende voorjaar de weg vrij is om hun verse bladeren te laten groeien.

De bladeren van de groenblijvende irissen kun je in het najaar terugsnoeien tot 15 cm lengte, en de dode stengels en bladeren moeten verwijderd worden.

Bepaalde irissoorten, zoals de Iris Germanica, moet je echt om de paar jaar ‘scheuren’, om te voorkomen dat ze teveel naar buiten groeien en het middendeel geen bloemen meer gaat dragen.

Bolgewassen kun je eventueel rooien in het najaar, zodat je ook andere plekken in de tuin kunt verrijken met deze kleurige danseressen.