Alstroemeria

De alstroemeria behoort tot de amaryllisachtigen. De alstroemeria herken je aan haar gedraaide bladeren en felgekleurde bloemen. Ze zijn verkrijgbaar in talloze kleuren en worden het gehele jaar geteeld en geoogst.

De prachtige en opvallende alstroemeria is een bloembol die oorspronkelijk gevonden werd in het Andesgebergte. Het geslacht is vernoemd naar de ontdekker, baron Clas Alströmer, een Zweedse naturalist en student van Carl Linnaeus. Naast het Andesgebergte kun je de alstroemeria in Zuid-Amerika ook vinden in Chili en Brazilië.

In het Nederlands wordt de alstroemeria ook wel de incalelie genoemd. Deze opvallende schoonheid is, met zijn lelie-achtige bloemen in kleurschakeringen van wit naar roze, en van geel naar rood, met alle tussenliggende tinten dan ook een ware zonaanbidder.

De alstroemeria’s zijn knol- en wortelstokvormende (rhizomen) vaste planten met dikke, taaie wortels en lelieachtige bloemen in vele zonnige kleuren. Hij is verwant aan de lelie en de amaryllis, iets wat wel een beetje verraden wordt door de karakteristieke bloemvorm. Verder herken je de alstroemeria aan de gedraaide bladeren en felgekleurde bloemen.

Symbolische betekenis

De bloem van de alstroemeria bestaat uit drie keer drie bloemblaadjes, en elk daarvan heeft een eigen betekenis: medeleven, geduld, begrip, humor, daadkracht en respect. Deze betekenissen samen staan symbool voor een langdurige vriendschap.

Snijbloem en tuinplant

Ze worden het gehele jaar geteeld en geoogst, en voornamelijk gebruikt als snijbloemen. Ze hebben zes tot acht bloemen per steel, met een vlammende binnenkant in het wit, geel, rood, oranje, paars of roze. Als snijbloem is de alstroemeria een bloem waar je heel lang plezier van kunt hebben en wordt dan ook veel gebruikt in boeketten.

Als potplant worden ze compacter geteeld en hebben ze kortere stelen. Ze hebben een ruime pot en veel zonlicht nodig, en als tuinplant zijn ze half winterhard. Let op: alleen de alstroemeria aurea is geschikt voor in de tuin. Andere hybriden zullen het niet redden. De bloeiperiode is van juni tot juli.

Houd ze in de tuin goed in de gaten. Hoewel de alstroemeria soms moeite heeft om zich te vestigen, kan hij zich, áls hij eenmaal gesetteld is, zich dankzij de ondergrondse wortelstok-achtige knollen razendsnel vermenigvuldigen!

Heel interessant om te weten is dat er ook varianten alstroemeria zijn die geen stuifmeel aanmaken, zoals de Florinca. Hierdoor zijn deze exotische bloemen ook geschikt voor mensen met hooikoorts.

Bollen planten

Je kunt de bloembollen van de alstroemeria het beste in het voorjaar planten, in goed gedraineerde grond. De plant heeft veel water en voeding nodig, zorg er daarom voor dat je hem het hele seizoen een goede bemesting en voldoende en regelmatig water geeft. Pas op voor uitdroging!

Als van oorsprong Zuid-Amerikaanse schone heeft de alstroemeria veel zonlicht nodig. Plant de bollen daarom altijd op een zonnige plek, want anders krijg je lange, slappe planten met dunne stengels. Hoe meer zonlicht, hoe meer bloemen.

Verzorging na de bloei

Aan het einde van het seizoen, wanneer de alstroemeria’s uitdrogen en de bladeren geel worden, mag de plant tot ongeveer 10-20 cm boven de grond afgeknipt worden. Zorg ervoor dat je met name eventuele zaaddozen weggooit, want anders zou je weleens een verrassing kunnen krijgen in het komende voorjaar. De bollen zullen ook in het voorjaar weer uitgroeien.

Hoewel de alstroemeria redelijk winterhard is, is het verstandig om een laagje mulch of stro over de plekken te strooien waar de bollen geplant zijn, en alstroemeria’s in pot kun je beter binnen zetten op een koele plaats. Echte vrieskou zullen ze namelijk niet overleven.

Scheuren is belangrijk

De alstroemeria heeft een vlezige wortelstok waardoor nieuwe planten gevormd worden. Door deze rizomen groeien ze elk jaar verder uit, en kan gemakkelijk je hele tuin overgenomen worden door deze exotische planten. Hierdoor is het ook noodzakelijk om ongeveer elke vier jaar de plant te scheuren.

Hiervoor graaf je in de late zomer of de herfst de plant uit en schud je de grond van de wortels. Wees daarbij wel voorzichtig, de wortels zijn kwetsbaar. Nu scheur je de minder mooie delen eraf, tot je alleen de sterkste van de witachtige wortelstokken overhoudt. De slechtere delen gooi je weg (let op: gooi ze niet zomaar op een hoop groenafval, maar gebruik hiervoor de groenbak). Herplant de gezonde jonge delen, geef ze goed water en laat ze verder met rust.

Als je alstroemeria’s in een pot houdt, let er dan goed op dat ze deze niet ontgroeien, je zult niet de eerste zijn die verrast wordt door potscherven omdat de kracht van de wortels te groot was.

Vermeerderen van alstroemeria’s

Wortelstekken:

In maart/april kun je de alstroemeria gemakkelijk vermeerderen door stukken van de wortelstok af te snijden. Laat daarbij zoveel mogelijk aarde aan de gevoelige, vlezige wortels zitten.

Zaden:

Ook met zaden kun je de alstroemeria vermeerderen. Plant hiervoor de zaadjes in goede compost ongeveer een halve cm diep. Doe plastic folie over de pot en zet hem ongeveer drie weken weg op kamertemperatuur. Na deze drie weken zet je de pot in de koelkast of andere koele plek op ongeveer 5 graden, ook weer drie weken lang. Alstroemeriazaden hebben deze koudeschok nodig om te kunnen ontkiemen.

Laat de alstroemeria na drie weken in de kou weer op kamertemperatuur komen en laat je verrassen. Meestal duurt het 14 tot 30 dagen voor ze ontkiemen.

Zodra ze een beetje gegroeid zijn, kun je ze overplanten en in de lente buiten zetten.

Waarschuwing:

Alle plantendelen van de alstroemeria zijn giftig. Ze bevatten de giftige stof glycosides. Zorg er daarom altijd voor dat je, nadat je met alstroemeria gewerkt hebt, of het nu een boeket snijbloemen is, of een potplant, altijd je handen grondig wast.

Klachten door aanraking met de sappen van de alstroemeria zijn dermatitis en irritatie aan de ogen of kin.

Houd hier ook rekening mee als je jonge kinderen en/of huisdieren hebt.